Z’n langverwachte boek over het ‘moving panorama’. Ik interviewde Huhtamo vorige maand (die tekst komt binnenkort op de Sonic Acts website). Las ook zn boek – wel, zoals dat gaat bij allerlei andere beslommeringen en verplichtingen: doorgewerkt, geracet, maar nog niet werkelijk, echt, hoofdstuk na hoofdstuk, zin voor zin, gelezen, en dus niet in staat om een echte recensie te schrijven. Wel genoeg om te zeggen: een boek om enthousiast van te worden.

Recensie van Jan Baetens & Arnoud van Adrichem: http://www.dereactor.org/home/detail/schateiland_van_het_bewegend_panorama/
Als verslag. Want anders ben ik het zelf binnen een week vergeten. Ik las zo’n 150 pagina’s uit Christa Wolf’s Ein Tag im Jahr, 1960 – 2000. Ieder jaar de 27e september nauwgezet beschreven. Boeide me aanvankelijk – vooral het dagelijks leven, opvoeden van de twee kinderen, de strijd om concentratie en tijd te vinden voor het schrijven. Christa Wolf’s werk heb ik verder nooit gelezen. Het boeide me niet. De DDR boeide me niet, de moeizame verhouding tot het ‘systeem’ boeide me niet, de vorm van engagement boeide me niet. Dat interesseert me nu meer. Maar na 150 pagina’s begon ik het op te geven. Las nog wat vooruit, las wat van de laatste jaren. Het boeide me niet meer. Wat een moeizaamheid, die problematiek, verstrikt in een systeem en toch willen blijven geloven in een maatschappijvorm die je (zo lijkt het toch) zelf geen goed doet. Moeilijke positie, zeker onterecht om het zo af te serveren, waarschijnlijk de moeite waard om echt door te denken en je in te verdiepen. Maar nee, dat is niet voor mij, dat is voor iemand anders. (En ergens ook een gevoel dat er fundamenteel iets mis is in dit boek – een onoprechtheid, een angstig verzwijgen – bij alle pogingen om eerlijk en oprecht te zijn).

Ook doorgelezen, de Open over autonomie. (‘In een tijd van ideologische en politieke crises, waarin mensen en dingen meer op zichzelf worden teruggeworpen, gaat van autonomie een hernieuwde aantrekkingskracht uit.’) Vooral om te zien of ik iets had gemist… Of niet. Niet echt. (Neemt niet weg dat het een mooi nummer is – en zo’n beetje alles wordt gecoverd).

Manieren van herlezen. Twee snipperboeken met zinsnedes uit Arno Schmidt’s oeuvre. De ene samengesteld door Bernd Rauschenbach, de andere door Susanne Fischer. Thematisch geordend. Opvallend plezierig om door te nemen. Herkenning. De boeken waaruit de citaten komen heb ik gelezen, en anders betreft het zo citaat=waardige uitspraken dat ik ze uit de secundaire literatuur ken. »Das Verläßlichste sind Naturschönheiten. Dann Bücher; dann Braten mit Sauerkraut. Alles andre wechselt und gaukelt.«


BTW: dit is het moment om ZT aan te schaffen, de Studienausgabe gaat op t moment voor 100 euro bij Amazon.
Stijl ergens tussen Murakami en Bolaño in. Over de ‘aftermath’ van de Bosnische oorlog. Toevallig opgepikte epub, toevallig beginnen te lezen en niet opgehouden tot ik het uit had. Recensie hier: www.theguardian.com/books/2014/feb/04/seven-terrors-selvedin-avdic-review

2-2-2014 – 132: JJ geboren. Gelezen: FW 474 – 496. (Over Yawn).
Schmidtjaar. Ik kon het niet laten en bestelde vier ‘kleine’ boekjes hoewel er – buiten de inleidingen – bijna niets in staat dat ik niet al in een andere uitgave in mn bibliotheek heb staan. Een manier van herlezen. (Of als cadeau?) Bladerde gisteren en vandaag in Na hätten sie mal in Weimar leben sollen, met Schmidt’s stukken over Wieland, Goethe en Herder, in het ‘Grote Arno Schmidt Leesboek’, en in de snipperboeken, de montagewerken Arno Schmidt für Boshafte en Arno Schmidt zum Vergnügen. Kom, dan ‘ns een pagina uit ZT lezen, want daarin heb ik nauwelijks gelezen, en kom, als ik dan eindelijk ns leestijd heb… ik zou er beter aan doen eindelijk verder te lezen in Die Schule der Atheisten…


Mooi boek. Mooi boek. Goed, soms wat onevenwichtig, soms iets te ongestructureerd (maar wat wil je – zo veel materiaal), maar bij elkaar een prachtig ingeleefd, opnieuw beleefd portret van het wielrennen in Parijs rond de eeuwwisseling. Gebaseerd op bronnenonderzoek. Kijk, ik zal de Velo’s en Parijse kranten van 1896 niet lezen, dus ik ben Jan Boesman zeer dankbaar dat hij daaruit put voor zijn verhaal over de Welshe wielrenners en Choppy Warburton (en nee, het is niet het verhaal van het eerste dopinggeval, en maar een klein beetje het verhaal van Lautrec’s wieleraffiches – dat is allebei alleen een handreiking naar groter lezerspubliek – wel). Ik wil meer. (Prachtig, dat wedstrijdverslag van Bordeaux – Parijs). Boesman slaagt erin een veelzijdig beeld te schetsen van de wielercultuur rond de eeuwwisseling. Goed, soms wat onevenwichtig, soms iets te ongestructureerd, maar wat wil je – zo veel materiaal.

Een onverwacht rustig moment, dat onverwacht lang duurt – onverwachte leestijd, en ik lees een heel end in drie boeken die ik min of meer (maar niet helemaal) toevallig bij de bibliotheek leende. Hotel Eden van Huub Beurskens, Kira Wuck’s Fins Meisjes en Deutschboden van Moritz von Uslar.



Natuurlijk, het is Schmidt-jaar. Vandaar. Lees nu brieven, »Und nun auf, zum Postauto!!« – Briefe von Arno Schmidt.
En hier, Gadir of Ken u zelve in de vertaling van Wilfred Oranje, bij Raster, deel 1 en deel 2.

Ja, ik las het in de Nederlandse vertaling. Ja, het is een belangrijk boek. Het gaat over alle heikele kwesties van de transparante maatschappij waarin we langzaam terecht zijn gekomen, met dank aan de Google, Facebook, Apple, cookies, beacons, marketing-dictatuur, gebrek aan zorg voor technologie van de kant van de onnadenkende gebruikers, quantified self ‘idioten’, big-data-evangelisten.
En trouwens tot op zekere hoogte ook de ‘Assange’-versie van total tranparancy.
Enzovoorts.
Nee, ik heb niks in De Cirkel gelezen dat ik niet al wist, al elders had gelezen (jaren, jaren geleden), of zelf al ‘ns had bedacht (en vast niet de enige was). De Cirkel waarschuwt – moet het niet hebben van nuances, karakterontwikkeling, stijl. Dat is uitstekend. Zo’n boek is het.

(Gelukkig dat Facebook de eerste tekenen van sterven vertoond. En Google+ niet van de grond komt. Om het maar ‘ns zo te zeggen).