“… data of a saleable kind.”

A computer as a research and communication instrument could enhance retrieval, obsolesce mass library organization, retrieve the individual’s encyclopedic function and flip it into a private line to speedily tailored data of a saleable kind. (Marshall McLuhan, The Gutenberg Galaxy, 1962)

McLuhan, altijd goed voor een pakkend citaat – (of wat je er in leest ook is wat hij op het oog had?) Deze vond ik gisteren lezend in Coupland’s McLuhan-biografie.

en,nl,quotations,research,ubiscribe | February 25, 2011 | 15:19 | comments (0) |

Vinyl 22: Arthur Blythe, Elaborations

Gekocht op koninginnedag voor een paar gulden. De output van Blythe is erg wisselend. Soms speelde hij in de jaren zeventig zo gedreven en overtuigend dat hij, na Braxton (?), de echte vaandeldrager van de altsax leek te zijn – meer dan Henry Threadgill. Soms is het niks. Deze LP uit 1982 zit er een beetje tussenin, en is vooral aangenaam vanwege de klankkleur van gitaar – cello – tuba (een prachtige combinatie, Threadgill wist dat ook), in de bezetting Kelvyn Bell – Abdul Wadud – Bob Stewart. Maar als ik weer zin heb in Arthur Blythe zoek ik de echt goede opnames op, en die heb ik alleen als mp3.

music,nl,vinyl | February 25, 2011 | 14:31 | comments (0) |

The Quantified Self

Yeah. Je kunt alles van en over jezelf bijhouden, volautomatische en funky. Laat je databases vollopen, en gooi er analyses overheen. Je kunt er mee experimenteren, je kunt het gebruiken om jezelf beter te leren kennen, of je kunt je gedrag opnieuw volautomatisch publiceren en verbinden met het gedrag van anderen.

Hoe intrigerend de mogelijkheden ook zijn, ik vind het een doodse of neurotische benadering van het leven (en van reflectie op gedrag). Natuurlijk, self-monitoring is belangrijk als ‘t om medische zaken gaat, en natuurlijk, je kunt veel leren uit data – een groot deel van de vooruitgang in sportprestaties is er aan toe te schrijven. Maar… uiteindelijk zit je met data waar je betekenis uit aan het peuren bent, en de vraag is wanneer dat een methode is waar je werkelijk iets nieuws van leert, en wanneer een methode waarbij je je blind aan het staren bent op data terwijl de weg naar betekenis veel korter is (en de weg naar ervaring ook).

Natuurlijk, je kunt uit andere data leren, en natuurlijk je kunt allerlei funky toepassingen bedenken die gebruikmaken van databestanden. Daar gaat het niet om.

Laat ik het persoonlijk houden: ik vind het helemaal niet interessant of ik nou 62 kilometer heb gefietst of 80 of maar 53,2 en in hoeveel minuten ik dat heb gedaan. Ik vind het ook niet interessant om te weten hoe vaak ik nou precies die ene route neem in plaats van de andere, en hoe zich dat verhoudt tot de routes van anderen. Ik vind het wel leuk om een kaartje te maken van mijn routes, om het plezier van het maken, en vagelijks ook omdat ik weet dat ik op die manier het mij in de toekomst wellicht beter herinner.

Ik vind het ook niet interessant om te weten hoeveel boeken ik heb gelezen in een jaar (of hoeveel bladzijden) of op welke momenten ik heb gelezen, of in een patroon tussen de plekken waar ik lees en de snelheid van het lezen. En hoeveel anderen datzelfde boek hebben gelezen. Ik hou tegenwoordig wel bij wat ik (uit)lees, om het plezier van het maken van die korte stukjes, omdat het schrijven ervan een kort moment is om op de leeservaring te reflecteren, en omdat ik weet dat ik zo een herinnering creëer.

Dingen bijhouden om het bijhouden, en die actie uitbesteden aan de apparaten, is boekhouden om het boekhouden. Je kunt het ook doen om jezelf te trainen – maar dat is een beperkte aanpak.

Ik ben geïnteresseerd in een onmiddellijke omzetting van het ‘boekhouden’ (schrijven) in betekenis – in plaats van via een supersonischsnelle omweg van data-analyse, waarbij de apparaten voor mij de data verzamelen, opslaan, analyseren en mij met hun algoritme-conclusie confronteren.

Deze opmerkingen zijn schetsmatig, nog ongenuanceerd, maar het wordt tijd dat er een goede kritiek op het datamining & quantificerings-paradigma (om het meer even zo te noemen) formuleert. Een kritiek die niet vanuit het verleden komt, of vanuit het verleden redeneert, die niet nostalgisch is, maar die dwars door de technologie en van binnen een hedendaagse perspectief argumenteert.

Wie de ideeën van de ‘quantifiers’ wil horen: bij Mediamatic is maandag een bijeenkomst van The Quantified Self gepland (zie http://quantifiedself.com/) & http://www.mediamatic.net/page/190514/en. De nieuwsbrief viel in mijn mailbox en zette mij aan tot bovenstaand stukje.

Eerlijk zijn nu: wie dacht er allemaal dat de oude Erkki Kurenniemi, tien jaar geleden helemaal de draad kwijt was geraakt – zoals hij werd getoond in Mika Taanila’s The Future Is Not What It Used To Be, terwijl hij alles, werkelijk alles wat hij deed registeerde met zijn digitale cameratje.

nl,research,ubiscribe | February 24, 2011 | 18:49 | comments (0) |

Vinyl 21: David Murray Interboogieology

Black Saint LP uit 1978, met opnames van het kwartet van David Murray uit februari van dat jaar. Prachtige titel. Misschien niet de aller-allersterkste opname van Murray uit deze tijd – de live-registraties zijn nog iets opwindender – maar de uitvoering van Home (in duo, tenor & bas) is erg mooi en het samenspel met Lawrence ‘Butch’ Morris op cornet is schitterend. Ik ben een groot liefhebber van het werk van Butch Morris, zowel zijn cornet-spel, zijn improvisatieaanpak als zijn ‘conductions’ (die volgens mij zwaar ondergewaardeerd zijn). Johnny Dyani bast, Oliver Johnson drumt, en er zijn wat stembijdrages van Marta Contreras. Achteraf gezien is er rond die tijd toch veel mooie jazz gemaakt.

Hmm, ik luister deze LP meteen nog een keer en vind hem dan nog mooier. Ik zal de tape met de trio-opnames met Dyani en Cyrille eens opzoeken om te checken of het live nog beter was. Kan me dat, bij herbeluisteren eigenlijk niet voorstellen… 3D-Family was zonder Butch Morris en die speelt hier wel erg goed…

Wat ik zeker ga opzoeken is de tape met de live opnames van de David Murray Big Band, gedirigeerd door Butch Morris, met onder andere George Lewis, Fred Hopkins en Olu Dara, uit 1985 denk ik.

music,nl,vinyl | February 23, 2011 | 21:58 | comments (0) |

Gustave Flaubert: Geluk is onmogelijk

Geluk is onmogelijk is een door Edu Borger in het Nederlands vertaalde keuze uit Flaubert’s brieven, vooral uit de laatste 20 jaar van zijn leven. Hij werkt aan Salammbô, La Tentation de Saint Antoine en zijn mannetjes, B & P. Onderwerpen, behalve de schrijverij zijn onder andere de oorlog van 1870, de Parijse Commune en persoonlijke tragedies zoals de financiële perikelen van zijn nichtje Caroline. Er is genoeg gezegd over Flaubert’s correspondentie, er schijnen zelfs mensen te zijn die zijn verzamelde brieven als zijn meesterwerk beschouwen. Dat lijkt me onzin, kijk eens wat hij voor elkaar krijgt in om het even welke twintig pagina’s uit B & P. Zelfs in een goede vertaling is de precisie ontzagwekkend, en het lijkt allemaal zo eenvoudig… De stijl in de brieven is ook indrukwekkend, maar een brief is geen roman. Anyway. Het waren geen grote leestijden voor mij. Een paar brieven achterelkaar: leuk. Honderd pagina’s aan één stuk en de biografie van Flaubert komt tot leven.

http://flaubert.univ-rouen.fr/correspondance/

leesvoer,nl,uitgelezen | February 23, 2011 | 17:58 | comments (0) |

Vinyl 20: Ike Quebec Blue and Sentimental

Pff. Er is vinyl dat eigenlijk in de weg staat, vooral als het een hoes is die net een paar millimeter groter is dan de rest. Dat is het geval met deze originele Blue Note, tweedehands gekocht vanwege de ritmesectie (Grant Green, Paul Chambers en Philly Joe Jones). Dit is me te bedaagd. In z’n soort een klasse-LP, maar niet voor mij, al speelt Grant Green, toegegeven, een paar fraaie solo’s. Weer een voor de stapel: niet meer naar luisteren.

music,nl,vinyl | February 20, 2011 | 19:28 | comments (0) |

Vinyl 19: I grandi del Jazz, Archie Shepp

Ik heb die goedkope Italiaanse Shepp-LP ‘ns opgezocht. Het is nummer 14 uit de serie I grandi del Jazz. Volgens mij heb ik er maar een keer of drie naar geluisterd, vaker de 8 pagina’s essay en illustraties geraadpleegd. (Die gaan over de freejazz-periode van Shepp). Het is niet eens zo’n beroerde plaat, met Cameron Brown en Beaver Harris, Dave Burrell en Charles Greenlee, live opnames uit 1975. Mainstream waar hier en daar nog een herinnering aan revolutionaire tijden in doorklinkt. Niks om nog eens te beluisteren. (Doe mij, uit exact diezelfde tijd, maar Frank Lowe).

music,nl,vinyl | February 20, 2011 | 18:43 | comments (0) |

Greg Carlisle: Elegant Complexity

Volledige titel: Elegant Complexity. A Study of David Foster Wallace’s Infinite Jest (2007). Geen boek dat je ‘uitleest’, het is een gortdroog geschreven gids voor IJ, (die stijl past de gids). Heel behulpzaam voor wie zijn weg probeert te vinden in de bijna 1000 dichtbedrukte pagina’s van DFW’s magnum opus. Gisteravond las ik de samenvattingen van de eerste 15 hoofdstukken en dat was een goede manier om me de leeservaring van IJ te herinneren. De websites over DFW zijn excellent, maar een boek doorbladeren ontspant meer.

leesvoer,nl | February 20, 2011 | 18:18 | comments (1) |

0220 / 1.50

Zondagmiddagrondje, 14.30 – 16.20. Zonnetje, 2 graden, oostenwind. Fijn gefietst op mn Concorde, maar ik heb wel genoeg van de kou.

Marcusstraat – Amstel – Ouderkerk – Voetangel – Winkel – Baambrugge – kanaal – Fort Nigtevegt – Gein – Driemond – Gaasp – Bijlmer – Weespertrekvaart – Marcusstraat

cycling,nl | February 20, 2011 | 18:00 | comments (1) |

0219 / 1.00

Kort rondje aan het einde van de middag, 17:00 – 18:00, koude zuidoostenwind, droog, bewolkt en nauwelijks 2 graden. Nam de doortrapper en dwaalde wat door Duivendrecht, langs de Ajax-velden, de Burgemeester Stramanweg en de Middenpolder. (Kaartje klopt niet helemaal).

cycling,nl | February 19, 2011 | 19:05 | comments (0) |
« Previous PageNext Page »
This work is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 2.5 License. | Arie Altena