Uitgelezen leesvoer 2011

In 2009 en 2010 heb ik een lijst bijgehouden van uitgelezen boeken. Aanvankelijk alleen literatuur en verwant leesvoer, later ook theorie. Ik schreef een paar zinnen over het boek, niet meer dan een impressie. Ik vermeldde ook welke boeken ik niet had uitgelezen of die ik deels had herlezen, en mengde vrijelijk Engels met Nederlands.

Met opzet hield ik de lijst bij op een aparte pagina, een beetje verborgen op deze site. Die paar zinnen commentaar waren pretentieloos, als ik er een blogpost van zou maken, dan zou ik ze al te veel gewicht geven – vond ik. Als ik het volledig voor mezelf zou doen – en niet zou publiceren – dan zou ik na een paar maanden stoppen. (Publiceren om jezelf te disciplineren).

Zo half in het verborgene: ook omdat ik een steeds grotere weerzin kreeg tegen de ‘gepre-formatteerde formats’ op het internet. Facebook en het “thumbs up I like” voorop, maar evengoed tegen de LibraryThing en andere services waar je je bibliotheek of lijsten gelezen boeken kunt bijhouden, inclusief uiterst handige ‘goodies’ en communicatiemogelijkheden. Als ik in zulke omgevingen iets doe (ik heb er accounts, ik heb ze geprobeerd), heb ik altijd het gevoel dat ik voor iemand anders zit te werken – en dan bedoel ik niet mijn vrienden, maar ‘THEY’, of ter meerdere eer en glorie van de datamining. Het doet niets af aan die services, ze zijn handig, maar ik hou er niet van. Daarom maak ik ‘met de hand’ kaartjes van mijn fietstochtjes, en doe ik niet aan het uploaden van GPS-coordinaten naar een account in een service die ze meteen mapt, er hoogteprofieletjes bij genereert enzovoorts.

Nu ben ik toch begonnen om een blogpost per uitgelezen of voor mij significant boek te maken. Het voelt te zwaar, zo’n blogpost per boek. Ik zal (hier) geen recensies schrijven, geen discussies voeren; ik zal enkel een kort commentaar tikken. Soms niet meer dan twee of drie woorden. (Ik heb gemerkt dat ik anders met een paar zinnen beschrijving aankom die ook elders makkelijk te vinden zijn). Het commentaar van mij heeft in de regel weinig om het lijf.

Waarom dan toch een blogpost? Ik wilde zeggen: omdat ik zin heb om weer te bloggen. Ik wilde zeggen: omdat ik zin heb om in het Nederlands te schrijven. Ik wilde zeggen: om het schrijven van Nederlands te oefenen – het is immers zo lastig om goede zinnen te maken…

Maar nu ik het neertik, ben ik niet zo zeker meer.

blogging,leesvoer,nl,ubiscribe | January 13, 2011 | 0:44 | Comments (3) |

Kritische massa

Pirate-pad & reflectie op de middag over kunstkritiek en digitale kunst: http://www.virtueelplatform.nl/#3153.

art,blogging,nl,ubiscribe,writing | December 16, 2010 | 13:42 | Comments Off on Kritische massa |

A warning from Richard Stallmann

“New cloud computing OS released by Google is plan to push people into ‘careless computing’, warns free software advocate” sez The Guardian. Good piece, here: http://www.guardian.co.uk/technology/2010/dec/14/chrome-os-richard-stallman-warning.

en,software,ubiscribe | December 15, 2010 | 17:40 | Comments Off on A warning from Richard Stallmann |

Leesgedrag

Omtrekkende en verkennende bewegingen. Er gaan uren leestijd mee heen – en dan bedoel ik leestijd, niet browse- klik- en overheenleestijd. Een toenadering tot het lezen van Zettel’s Traum, een voorbereiding, een thuis-raken-in, of het uitstellen van het lezen ervan.

(Zal ik ooit al die pagina’s doorlezen? Met Finnegans Wake is het gelukt, en daar keer ik nog regelmatig naar terug. Maar ZT is geen FW.)

Zo lees ik alle posts op www.schauerfeld.de. Zo lees ik een kwart van Alice Schmidt’s Tagebuch-aus-dem-Jahr-1955 op Amazon, zo lees ik drie artikelen van Jan Süselbeck over AS, en heb nog twee browservensters openstaan met Google-books-pdfs van publicaties over Schmidt.

Dat allemaal zal ontbreken in de lijst Read matter 2010 (lit).

nl,reading matter,ubiscribe,ZT | October 24, 2010 | 14:37 | Comments Off on Leesgedrag |

Geen reactie, of wel?

Ruim twee weken broed ik inmiddels op de vraag of ik een reactie moet plaatsen op Carel Peeters’ recensie van het nummer van De Gids over de Re:publiek der Letteren waarin hij naar verhouding erg veel aandacht besteed aan mijn stukje (over een mogelijke toekomst voor het literaire tijdschrift). (Zie http://www.vn.nl/…forum=1272). Hoewel hij, naar ik mag aannemen, minstens zoveel van literatuur en boeken houdt als ik, tekent zich een onoverbrugbare culturele kloof tussen ons af.

Peeters vindt het eerste deel van mijn stukje kletsica – misschien is het kletsica, maar afgaand op Peeters reactie zou ik eerder moeten concluderen dat ik nog veel meer had moeten uitleggen. Voor Peeters is het lezen van langere teksten vanzelfsprekend. Voor mij ook. Helaas (?) is dat niet het geval voor de gemiddelde internetgebruiker, ook niet voor de gemiddelde internetgebruiker met een meer dan gemiddelde intelligentie en culturele nieuwsgierigheid. Daar zijn al vele onderzoeken aan gewijd en is heel veel over gespeculeerd. Dat Google ons dom maakt en dat de continuous partial attention mogelijk desastreuze gevolgen heeft voor ons leervermogen, het zijn inmiddels afgekloven clichees. (De laatste hit: Nicholas Carr’s The Shallows, philosophy light in the American vein, maar toch echt niet slecht.)

Wat citaten:

“And so we ask the Internet to keep interrupting us in ever more varied ways. We willingly accept the loss of concentration and focus, the fragmentation of our attention, and the thinning of our thoughts in return for the wealth of compelling, or at least diverting, information we receive. We rarely stop to think that it might actually make more sense just to tune it all out.” Nicholas Carr in http://www.wired.com/etc.

Of, ik link/quote nog even verder uit hetzelfde artikel:

“In a Science article published in early 2009, prominent developmental psychologist Patricia Greenfield reviewed more than 40 studies of the effects of various types of media on intelligence and learning ability. She concluded that “every medium develops some cognitive skills at the expense of others.” Our growing use of the Net and other screen-based technologies, she wrote, has led to the “widespread and sophisticated development of visual-spatial skills.” But those gains go hand in hand with a weakening of our capacity for the kind of “deep processing” that underpins “mindful knowledge acquisition, inductive analysis, critical thinking, imagination, and reflection.””

Enne:

“The ability to scan and browse is as important as the ability to read deeply and think attentively. The problem is that skimming is becoming our dominant mode of thought. Once a means to an end, a way to identify information for further study, it’s becoming an end in itself—our preferred method of both learning and analysis.”

Dat is de hedendaagse context. (Zeker, wat Carr hier bijeenraapt is zeker discutabel, in wetenschappelijk opzicht, maar het is wel allemaal zeer kenmerkend voor het hedendaagse debat). Dat is de context van de nabije toekomst. Dat is mijn uitgangspunt. (Dus: grofweg, kletserig, vaag schetsend.)

En nee, ik roep helemaal niet uit dat er zoveel fantastisch is veranderd in de literatuur en de schrijverij. Het probleem is juist dat het blijft steken bij knippen, plakken, re-tweeten, korte blogjes en een linkje plaatsen. Het probleem is juist – en daar gaat mijn kletsica-inleiding over, dat er wel prachtige instrumenten (‘tools’) zijn ontwikkeld om dat soort vaak gemakzuzchtige instant communicatie mogelijk te maken – en dat daaromheen een ‘rijke’ en ‘bloeiende’ communicatieve cultuur is ontstaan (neem Facebook), maar dat zulks niet is gebeurd voor ‘geconcentreerd lezen’, (met als afgeleiden kritische distantie, contemplatie, vertraging, ‘diepgang’) en andere aspecten die het zo goed deden in een boekcultuur. Terwijl dat best mogelijk is. Wij maken die instrumenten, wij gebruiken ze, wij worden er door gevormd.

Volgens mij leg ik dat uit? Of heb ik dat zo onhandig opgeschreven?

Ik weet eerlijk gezegd niet goed hoe ik kan reageren op Peeters’ stukje zonder omstandig te gaan uitleggen ‘wat ik bedoel’, wat hij ‘niet heeft opgepikt’, aangevuld met samenvattingen van dertig jaar onderzoek naar leren en lezen met de computer, het online bestaan, enzovoort (sorry). Oftewel: de bekende weg uitleggen (iets wat ik naar mijn smaak al te veel doe). De tweede optie is om mijn eigen artikel te citeren. Heb ik me niet goed uitgedrukt? De verkeerde woorden gebruikt? Niet duidelijk genoeg gemaakt vanuit welk standpunt ik redeneer? Blijkbaar.

Ik kan me er ook met een kwinkslag vanaf maken. Wie beweert dat een ‘literair tijdschrift’ niet digitaal zou moeten gaan, zoals Peeters doet, verklaart de geletterde cultuur dood, of impliceert op z’n minst dat literatuur en de geletterde cultuur niet meer relevant zijn; een speeltje van liefhebbers van ouderwets entertainment. Enzovoort. (Leuke scheldcolumn. Niet mijn stijl).

(En nu in de overdrive, de grote plaat erop, drie tanden bijschakelen en gaan):

Je kunt dan zeggen, nou, mooi, dat was de boekcultuur, die is nu irrelevant. Let’s Facebook! De technische middelen die wij nu gebruiken voor kennisoverdracht, ontwikkeling van ideeën en de stimulering van het voorstellingsvermogen, ach die zijn niet zo geschikt voor literatuur. Misschien dat het iets wordt met de iPad of de Kindle, maar verder, neuh. Wie nog lekker een boek wil lezen moet dat vooral doen. Zo’n boek is best mooi, alleen kun je er maar zo weinig tegelijk van meenemen. Zelfs de kleintjes zijn nog groter dan een iPhone! Veel slimmer wordt je trouwens niet van het lezen van een langere tekst, en om goed te kunnen functioneren in de samenleving van de toekomst moet je vooral kunnen netwerken en slim communiceren en snel beslissingen nemen. Crowdsourcen, directe lijntjes. Gamen is veel nuttiger, als training. Die geletterde cultuur? Ach, even achterhaald als de mnemotechniek.

Ga uw gang. Niks voor mij.

Ah, kijk, en nu scan/lees ik snel door wat meer literaire kronieken van Peeters en ik zie dat hij wel vaker de rol speelt van criticaster of afkraker. Althans, zo is mijn indruk. Probleem van die stijl is dat het zelden leidt tot inhoudelijke reactie. Alleen tot zwijgen (van de verstandigen), gepikeerdheid (van de heethoofdigen), verongelijkte epistels (oeps, zoals die van mij?), of instemming (van hen die ook graag hun mond even opendoen).

Soi. Publiceer ik dit nou, of toch niet…

nl,reading matter,ubiscribe | August 2, 2010 | 21:04 | Comments (3) |

iPad? Powerbook!

“One of the most surprising advantages to reading on an iPad is the ability to read without having to hold the book in your hands. After years of wrestling with books which won’t lay down flat at the dining table, it’s been a great pleasure to put my iPad in front of me and only have to use one finger to advance a page. This is also true in bed, where it takes at least two hands (if not three) to read a hardback book-one or two to hold the book and another to turn the page.”

Said Bob Stein. No he didn’t. He said it in 1995 about his Powerbook. From the Feed-archives: http://www.feedmag.com/templates/old_article.php3?a_id=1230

quotations,reading matter,research,ubiscribe | July 27, 2010 | 17:10 | Comments Off on iPad? Powerbook! |

Nee nee, niet ik

Carel Peters denkt dat ik de bedenker van de schrijfwijze ‘Re:publiek der Letteren’ ben. Als hij een beetje had gegoogled (echt onderzoek was niet nodig) dan had hij kunnen weten dat ik dat niet ben.

(De rest heb ik overigens nog niet gelezen). Premature reactie alhier, dus.

http://www.vn.nl/…forum=1272.

nl,reading matter,ubiscribe | July 17, 2010 | 15:45 | Comments Off on Nee nee, niet ik |

Forgotten dreams

Virtual Reality (.com)

Cyberspace (.com)

en,ubiscribe | June 24, 2010 | 17:26 | Comments Off on Forgotten dreams |

A few things I’ve been checking out:

Graham Harman’s : The Prince of Networks, Bruno Latour and Metaphysics; Bernhard Stiegler’s Technics and Time (difficult to read); a short list of Simondon’s terminology at Fractal Ontology; and different text-editors for Mac, after reading Jacket’s styleguide, or spot-on long explanation of what the f— it means to edit a text in these times.

en,reading matter,research,software,ubiscribe,writing | March 28, 2010 | 23:17 | Comments Off on — |

_

GEORGE DYSON
Science Historian; Author, Darwin Among the Machines

KAYAKS vs CANOES

“In the North Pacific ocean, there were two approaches to boatbuilding. The Aleuts (and their kayak-building relatives) lived on barren, treeless islands and built their vessels by piecing together skeletal frameworks from fragments of beach-combed wood. The Tlingit (and their dugout canoe-building relatives) built their vessels by selecting entire trees out of the rainforest and removing wood until there was nothing left but a canoe.

The Aleut and the Tlingit achieved similar results — maximum boat / minimum material — by opposite means. The flood of information unleashed by the Internet has produced a similar cultural split. We used to be kayak builders, collecting all available fragments of information to assemble the framework that kept us afloat. Now, we have to learn to become dugout-canoe builders, discarding unneccessary information to reveal the shape of knowledge hidden within.

I was a hardened kayak builder, trained to collect every available stick. I resent having to learn the new skills. But those who don’t will be left paddling logs, not canoes.”

Copypasted from Egde 2010

en,research,ubiscribe | March 9, 2010 | 17:09 | Comments Off on _ |
« Previous PageNext Page »
This work is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 2.5 License. | Arie Altena