Erik Lindner: Naar Whitebridge
Leesvoer van de afgelopen dagen. Ik las ‘t, voor mijn doen, opvallend langzaam. Neem dat als compliment. (Simpel: ik vond het mooi).
(De recensie van Claudia Zeller komt in de buurt van mijn leeservaring).
Leesvoer van de afgelopen dagen. Ik las ‘t, voor mijn doen, opvallend langzaam. Neem dat als compliment. (Simpel: ik vond het mooi).
(De recensie van Claudia Zeller komt in de buurt van mijn leeservaring).
Zondag. Om 10:45 weg. Zon, wat wolken, frisjes (18 graden), zuidwestenwind. Hele middag de tijd. Kennemerduinen: lang niet geweest, en zo snel zal ik er niet weer komen. Ik rij dus alle fietspaden, veel heen en weer, voordat ik via Zandvoort naar Langevelderslag rij, en daarna terug. Lekker.
Marcusstraat – Vondelpark – Rembrandtpark – Gerbrandypark – Brettenzone – Spaarndam – Kennemerduinen (heen en weer, zo’n beetje alle fietspaden, Herenduinweg, Zeeweg, Kattendel, Parnassia, Koevlak) – Duin en Kruidberg – Kopje van Bloemendaal – Zandvoort – Langevelderslag – De Zilk – Leyduin – Cruquius – Geniedijk – ri. Lijnden – Schipholweg – Amsterdamse Bos – Amstel – Marcusstraat
Vrijdag. Kan de hele middag weg. Regen en onweer verwacht – ik heb alleen 10 minuten miezer en 5 minuten de grens van een heel zware bui. Elders hoosde het. 22 graden bij zon, maar meest bewolkt en 18 graden. Ik rij ver Duitsland in. Had, als ik een kaart bij me had gehad, een stuk verder gereden – naar Twist en Georgsdorf. Ik volgde min of meer de Vechtdalroute, reed wel eens verkeerd, en vond gelukkig het prachtige stuk langs het kanaal Coevorden – Piccardie. Route hier is niet helemaal goed. Geen tellertje op de fiets. Fietspad langs de Vecht bij Laar staat niet op de kaart. Andere stukjes kan ik ook niet vinden. (Böckelsberg). Ik was weg van 12 tot kwart voor 6. Niet gerust. Behalve voor het kijken op kaarten enzo. Zal een kilometer of 125 zijn geweest. (Oh, en ook nog per ongeluk aardig wat kunst gezien – het is nl. de route van Kunstwegen).
Camping – Mariënberg – Bergentheim – kanaal – De Haandrik – Laar – Vecht – Vorwald – kanaal – Neugladenfeld – Hoogstede – Glökenkamp – Uelsen – Geteloer Moor – Langeveen – Engbertsdijkvenen – Sibculo – Mariënberg – camping
En verder nog gelezen… gedichten van Hannah van Wieringen (goed), Peter Verhelst (nee, weer ‘fluweel’ en ‘vlees’ en – niet mijn poëzie), wat Hella Haasse, Willem Brakman, Ballard, Diderot – en heel veel pdfs en epubs aangeklikt….
Ineens zit ik, al lezend, helemaal op 1 lijn met Michel Serres. Is niet altijd zo geweest. Biogea is autobiografie, filosofie van de ecologie, poëzie – en gaat over de wereld, de ‘kosmos’, en wetenschap.
Dun boekje. Je hebt het zo uit. De boodschap is helder en pregnant. Zoals de ondertitel luidt: “How to Reinvent our Lives and Future “.
Uitgelezen? Nee, dat niet – daarvoor ben ik toch niet geïnteresseerd genoeg in pagina’s lange economische analyse. Ongeveer tot de helft helemaal gelezen – daarna gebladerd en de stukken die me interesseerden gelezen. Ik hoef hier niet te zeggen hoe belangrijk dit boek is, en wat voor waterscheiding Piketty’s boek is (markeert?).
(Empirische economie na de decennia-lange dictatuur van economie als pure calculatie, sommetjes, wiskunde – waarbij ik altijd moet denken aan mijn leraar economie van de middelbare school die de meest basale wiskundige vergelijkingen zo beroerd wist uit te leggen dat zelfs de wiskunde-jongens-en-meisjes uit de klas er niks meer van begrepen).
Ik las het ook als complement van Moretti’s studie The Bourgeois, Between History and Literature. (Het is andersom).
(In de LA Review of Books stond laatst een essay over Piketty en de literatuur van de ‘second gilded age’ (lareviewofbooks.org/essay/literature-second-gilded-age)– en wat er in Piketty ontbreekt (die hedendaagse literatuur), is ook wat er ontbreekt in Moretti’s boek – let wel, als ik het me goed herinner, een ‘ontbreken’ dat door Moretti zelf vrij uitgebreid wordt aangehaald).
Een heel belangrijk boek.
Long overdue. In twee opzichten. Het boek was al jaren aangekondigd, kwam in 2013 eindelijk uit, ik bestelde het meteen, en drie weken geleden las ik het pas. Verzameling zeer geïnformeerde artikelen over de allereerste artistieke experimenten met computers – van James Tenney tot Nanni Balestrini en alles daartussenin. (Jackson MacLow, John Cage, Theo Lutz, Georges Perec – enzovoorts).
Bestel hier: www.ucpress.edu/book.php?isbn=9780520268388
Zou ik dit boek gelezen hebben als ik niet begin jaren negentig bij Perdu (Amsterdam) had rond gehangen, en als ik niet ‘ns een paar woorden had gewisseld met Jan Kostwinder – die bevriend was met mensen die ik kende?
Afdaling naar het verleden – voor het ‘internet’. ‘s Middags met thee of een biertje in de zon voor Perdu in de Kerkstraat. Rob B. die nachten lang Police Quest speelde op een toen al aftandse IBM. Dommelsch bier. Sigarettenrook. De kelder met de witte klapstoeltjes.
Zeker is: Kostwinder’s essay over Raymond Carver is schitterend, en pijnlijk persoonlijk.
Ik hou niet van het werk van Raymond Carver.
Adem was destijds het uiterst sympathieke literaire tijdschrift waarvan Jan Kostwinder redacteur was. De ‘derde weg’ tussen Maximalen (terecht volledig vergeten – tenminste als dichter-bende) en euh, wat eigenlijk, ‘Mallarmé’? Sympathiek – maar erg spannend was het niet. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit werkelijk geïnteresseerd was in één van de stukken die in Adem werden gepubliceerd.
In al die oude Rasters viel veel meer spannends te ontdekken.
(En later op gopher, en het WWW).
In de woede die er uit sommige stukken van Kostwinder spreekt, kan ik me wel vinden. Maar over literatuur… het graaft toch niet heel diep.
Toch is het tragisch. Hij heeft het net niet gehaald. (Ja, wat dan? Wat heeft-ie niet gehaald?) Hij overleed in 2001. Alweer 13 jaar geleden.
Er staan drie polemieken in dit boek, alle even fel. Gericht tegen Zwagerman (nou en), Adriaan Morriën (wie? who cares?) en JP Rawie (pfff). Het zou wat. Het stuk waarin Kostwinder zijn poetica uiteen zet, zit vol met persoonlijke geschiedenis – en al heeft hij volledig gelijk, over literatuur gaat het niet echt.
Ik blijf maar die studentenflat in Diemen voor me zien. (Had hij daar nou gewoond?)
Maar het stuk over Carver is ontzettend goed.
(Ok, ik zal zijn gedichten eens lezen).